De Davidiaanse Zevende-dags Adventisten Associatie (Een Niet-Ingelijfde bestaande Associatie die een Kerk Samenstelt)




Jizreël Brief 9

Brief 9

GEGARANDEERDE VOORSPOED EN ZEKERHEID

Geachte Z.D.A. Tegenwoordige Waarheid Gelovige:

                Dit is een persoonlijke boodschap aan u over hoe u voorspoed kan hebben en optimaal van het leven kan genieten. Voorspoed en zekerheid zijn hier een gegarandeerde verzekeringspolis die geen grenzen kent. Ik haast mij daarom om dit naar u te brengen en hoop dat u ervan zal genieten en er profijt van zal hebben. Hier is hoe het werkt: {JL9: 1.1}

                “Ziet, Ik zend Mijn engel, die voor Mijn aangezicht de weg bereiden zal; en snellijk zal tot Zijn tempel komen die Heere, Dien gijlieden zoekt, te weten de Engel des verbonds, aan Denwelken gij lust hebt; zie, Hij komt, zegt de HEERE der heirscharen.” Mal. 3:1. {JL9: 1.2}

                De belofte hier is dat de Heer zijn boodschapper zal sturen, en zoals het vierde hoofdstuk van Maleachi een voortzetting is van het verhaal van het derde, wordt ons daar verteld dat de boodschapper de anti-typische Elia (4:5) is, degene die “alle dingen zal vernieuwen”(“alles zal wederoprichten”)(Matt. 17:11) en Inspiratie van een latere aanhaling(toevoeging), en in een speciale boodschap aan de Zevende dags Adventisten bediening waarschuwt: {JL9: 1.3}

                 “Profetie moet vervuld worden. De Heer zegt: ‘Zie ik zend u Elia de profeet voor de komst van de grote en geduchte dag des Heren.’ Iemand zal komen in de geest en kracht van Elia en wanneer hij komt, zal men zeggen: ‘U bent te ernstig, u legt de Schriften niet op de juiste wijze uit. Laat mij u vertellen hoe uw boodschap te onderwijzen.”-“Testimonies to Ministers” p 475, 476. {JL9: 1.4}

                Er zijn twee  hoofdpunten in deze aanhalingen die wij opmerken: (1) dat de boodschap en de boodschapper hier genoemd

1

 de allerlaatste zijn; (2) dat zij alle dingen moeten vernieuwen; (3) dat er gevaar is voor sommigen om zich voor de gek te houden door te durven hem te vertellen hoe hij zijn boodschap moet onderwijzen-ervan uitgaande dat zij Gods plaats kunnen innemen! {JL9: 1.5}

                Deze vers van Maleachi drie, zoals u meteen ziet, heeft slechts gedeeltelijk in type vervuld met Johannes de Doper, en dat zijn anti-typische vervolmaking nu niet alleen duidelijk maar dat behalve Christus’ eerste advent het de meest belangrijke is. Laat ons nu zien waarom meest belangrijke: {JL9: 2.1}

                De belofte is dat de Heer een boodschapper zal sturen, iemand met een boodschap, en dat Daarmee de boodschapper de weg zal voorbereiden voor de komst van de Heer naar Zijn tempel. Het doel van de Heer voor het komen, zal u merken, is om Zijn Tempel, de kerk, te reinigen, en in het bijzonder de Levieten-de predikanten: {JL9: 2.2}

                “Maar wie zal de dag van Zijner toekomst verdragen en wie zal bestaan, als Hij verschijnt? Want Hij zal zijn als het vuur van een goudsmid, en als zeep der vollers. En Hij zal zitten, louterende en Hij zal ze doorlouteren als goud, en als zilver; dan zullen zij den HEERE spijsoffer toebrengen in gerechtigheid.”Mal. 3:2,3. Nee, niet alvorens dit werk is gedaan voor de bediening kunnen zij aanvaardbare offers voor God brengen, ziet u. {JL9: 2.3}

                Het is duidelijk dat dit hoofdstuk uit Maleachi speciaal geschreven was voor  het trouwe volk van God op deze bewuste tijd, de tijd waarin de reiniging van de kerk plaats vindt, de tijd wanneer de goede vissen in manden gezet en de slechte “weg gedaan worden.” Matt. 13: 47,48. Nadat de reiniging is geweest, merkt u dat- {JL9: 2.4}

                “Dan zal het spijsoffer van Juda en Jeruzalem de Heere zoet wezen, als in de oude dagen, en als in de vorige jaren.” Vers 4. {JL9: 2.5}

2

                “En Ik zal tot ulieden ten oordeel naderen; en ik zal een snel Getuige zijn tegen de tovenaars, en tegen die valselijk zweren, en tegen degenen, die het loon des dagloners met geweld inhouden, die de weduwe, en den wees, en den vreemdeling het recht verkeren, en Mij niet vrezen, zegt de Heere der heirscharen. Want Ik, de Heere, wordt niet veranderd; daarom zijt gij, o kinderen Jakobs niet verteerd.” Verzen 5,6. {JL9: 3.1}

                Hier legt Inspiratie uit hoe het Oordeel voor de Levenden begint, hoe het reinigen van het heiligdom op aarde plaats vindt (Dan. 8:14). En de schokkende onverantwoordelijkheid van Zijn volk tegenover de ongelukkigen onder hen, en hun uitbuiting van anderen wanneer mogelijk, overtuigt Hij dan weer dat Hij niet verandert; dat Hij dezelfde niet afwijkende en rechtvaardige God, dat zijn oude geboden en verordeningen eeuwigdurend zijn, dat Hij ze niet veranderd heeft; dat Hij alle dingen zal herstellen. Hij, zoals u zal zien, komt dan tenslotte bij het echte probleem, pleit dan dat Zijn volk Zijn oplossing(hulpmiddel) zal accepteren. {JL9: 3.2}

                Zegt Hij: “Van uwer vaderen dag af zijt gij afgeweken van Mijn inzettingen, en hebt ze niet bewaard; keert weder tot Mij, en Ik zal tot u wederkeren, zegt de HEERE der heirscharen; maar gij zei, Waarin zullen wij wederkeren?” Mal. 3:7 {JL9: 3.3}

                Aangezien Zijn volk nog steeds niet ziet waarin zij van Zijn instellingen zijn afgeweken, merkt  Hij specifiek op en pleit Hij onmiddellijk voor actie: {JL9: 3.4}

“Zal een mens God beroven? Maar gij berooft Mij en zegt: Waarin beroven wij U? in de tienden en het offer. Met een vloek zijn gij vervloekt, omdat gij Mij berooft, zelfs het ganse volk. Brengt al de tienden in het schathuis, opdat er spijze zij in Mijn huis; en beproeft Mij nu daarin, zegt de HEERE der heirscharen, of Ik u dan niet opendoen zal de vensteren des hemels, en u zegen afgieten, zodat er geen schuren genoeg wezen zullen. Vers 8-10. {JL9: 3.5}

3

De zinsnede, “zelfs het ganse volk” dat God berooft is zo omdat de oude boodschap, “het Oordeel der Doden”, (voor de proclamatie(openbaarmaking) waarvoor het Kerkgenootschap der Zevende Dags Adventisten in het leven was geroepen), is nu net zo uit de tijd(gedateerd) als de boodschap van Noah’s zondvloed is, daar de bestuurders van het Kerkgenootschap al de boodschap van het Oordeel der Levenden hebben afgewezen maar nog steeds de tienden van het volk inzamelen, beroven zij als volk (als een Kerkgenootschap) God. {JL9: 4.1}

Er zijn veel kostbare waarheden vervat in het Woord van God, maar het is tegenwoordige Waarheid dat de kudde nu nodig heeft. (“Eerste Geschriften” pg 66) {JL9: 4.2}

Merk op dat niet aan de Levieten, of aan sommige andere plaats of volk, maar dat in Gods graanschuur de tienden en offers moeten worden gebracht. En om geen andere reden dan dat Zijn graanschuur de middelen mag hebben om geestelijk voedsel toe te dienen, “voedsel op zijn tijd.” Deze woorden tonen zeker en beslissend zien de enige ondersteuning die de boodschap voor de reiniging van de kerk heeft om haar werk voort te zetten de tienden en offers van Zijn trouwe volk is; dat in geen andere manier de boodschap doorgegeven kan worden; dat in geen andere manier de onkosten betaald kunnen worden. Dit is God’s reden om geen schalen te doen rondgaan tijdens onze bijeenkomsten, voor geen geldinzameling in welke vorm dan ook en om onze literatuur overal te verspreiden zoals de herfstbladeren zonder geld en zonder prijs voor het volk. In andere woorden, de literatuur, de predikanten, en de Bijbelwerkers- zij die de boodschap van het uur aan uw deur brengen, zouden moeten betaald worden door de tienen en offers die naar de God’s graanschuur komen. God vraagt daarom Zijn trouwe volk om blij te antwoorden op Zijn roep en voldoende in de behoefte te voorzien. Hij vraagt dit niet alleen voor de welvaart van Zijn graanschuur, maar ook voor de welvaart van Zijn volk. {JL9: 4.3}

Waarom moeten de boodschapbrengers(dragers) aan uw deur komen om de boodschap naar u te brengen?- Omdat zoals u

4

 reeds weet, de meeste predikanten de deuren van de kerk en het verstand(denkvermogen) en hun harten van de leken heeft gesloten voor de boodschap voor vandaag van de Heer. Dit hebben zij in niet mindere mate gedaan dan de priesters in de dagen van Christus. De Heer voorzag dit lang geleden in de tijd van Jeremiah dat de engel (de predikanten) van de kerk van de Laodicianen dit goddeloze ding tegen Hem en Zijn volk zou doen, zodat de Laodicianen voor altijd in hun zelfbedrog (zelfmisleiding) te houden. Over de verstrooiing van Oud-Israël tussen de naties gesproken, en van het bijeen brengen van het antitypische Israël, verklaart Inspiratie in het zestiende hoofdstuk van Jeremiah’s profetie aldus: {JL9: 4.4}

“Ziet, Ik zal zenden tot veel vissers, spreekt de HEERE, die zullen hen vissen; en daarna zal Ik zenden tot veel jagers die zullen hen jagen, van op elke berg, en uit de kloven der rotsstenen.” Jer. 16:16. {JL9: 5.1}

Hier word u duidelijk gezegd dat in de verzameltijd de dienstknechten van God eerst genoodzaakt zijn (verplicht zijn) Zijn volk te hengelen, dan naar hen te  jagen. Aangezien onze eerste contact met hen via het literatuur is geweest, moet het daarom het hengelen zijn. En terecht ook, omdat zoals het overal verstrooid is als de bladeren in de herfst, komen de vissen om het te onderzoeken, vinden het goed voedsel, nemen een hap en raken eraan verslaafd bij wijze van spreke. Nu echter zijn wij in de jacht periode, en wij zijn reeds begonnen op hen te jagen, of zij in de stad of op het land zijn, in makkelijk bereikbare plaatsen, of in slecht bereikbare plaatsen. Waar ze ook wonen, daar moet op ze gejaagd worden, hoewel het geen kleine makkelijke taak zal zijn om thuis circa 300,000 of meer te vangen verspreid door heel de Verenigde Staten alleen, naast meer dan 500.000 of meer verspreid door heel de vreemde landen. Dit ziet u is enorm kostbaar werk, dat veel jagers eist met kostbare rijtuigen (goedkopere zouden de taak niet kunnen doorstaan), honderd duizenden mijlen afleggend en evenveel vaten gasoline en olie vereisend. Dit is geen

5

 kleine taak, verhoudingsgewijs is er niets vergelijkbaars geweest, en zal daarom de verenigde krachten van iedere Tegenwoordige Waarheid gelovige om hen op gang te houden en het werk af te krijgen zodat wij snel naar het Glorie Land kunnen gaan. {JL9: 5.2}

Ja, het is een grote onderneming en een groot werk met een grote belofte veelvoudig honderden duizenden dollars vereisend en al de bekwame en gewillige lichamen vereisend die Hij kan krijgen om honderd duizenden Zevende Dags Adventisten te jagen in “de groeven en de rotsen” wereldwijd. Te spreken over een enorme verantwoordelijkheid beschrijft de lading haast niet maar als de dag staat het feit dat het de moeite waard is, d; want at we niet kunnen falen, en dat Zijn volk zal reageren zowel op de boodschap en op de hulp van de Heer tegen de machtige. En hoe dankbaar horen we te zijn dat iedereen het voorrecht en de gelegenheid is gegeven op de een of andere manier om het “Goed gedaan, gij goede en trouwe dienstknecht” te delen. {JL9: 6.1}

In het licht van geopenbaarde Waarheid ziet u nu duidelijk dat God alleen dat accepteert waarvan Zijn Waarheid-houdende en Koninkrijk-zoekende volk welwillend en blijmoedig geven. Hij haat gaven die verkregen zijn door bedelen, sterke dwang en campagne voering. Hij daagt  Zijn volk aan Hem te bewijzen, nu in de verzameltijd, door hartgrondig(oprecht) hun tienden en offers naar Zijn graanschuur  van het Oordeel voor de Levenden te brengen en te zien als Hij de vensters van de Hemel niet zal openen en een zegen zal uitstorten zodat er geen schuren genoeg zullen zijn om het te ontvangen. Dan verzekert hij: {JL9: 6.2}

“En Ik zal om uwentwil de opeter schelden, dat hij u de vrucht des lands niet verderve; en de wijnstok op het veld zal u geen misdracht voortbrengen, zeg de HEERE der heirscharen. En alle heidenen zullen u gelukzalig noemen; want gijlieden zult een lustig land zijn, zegt de HEERE der heirscharen.”Mal. 3:11,12. {JL9: 6.3}

Nu de tijd gekomen is dat de Heer openlijk Zijn macht zal proclameren(verkondigen), kan iedereen die voorspoed en

6

publiciteit(bekendheid) wenst ze hebben. “Want het is de tijd, dat het oordeel beginne bij het huis Gods; en indien het eerst bij ons begint wat zal het einde zijn dergenen, die het Evangelie van God ongehoorzaam zijn?”1 Petr. 4:17 {JL9: 6.4}

Hoewel wij in de klasse mogen zijn geweest die  de volgende woorden beschrijven, kunnen wij toch naar hem terugkeren en zal Hij ons vergeven en onze ogen openen zodat wij nu mogen zien dat er een verschil is tussen hij die God dient en hij die Hem niet dient: {JL9: 7.1}

“Uw woorden zijn brutaal geweest tegen Mij zegt de Heer. Toch zegt gij tegen mij wat hebben wij tegen U gesproken? U heeft gezegd, Het is tevergeefs God te dienen; en wat voor voordeel is er dat wij Zijn verordeningen hebben gehouden, en dat wij berouwvol voor het aangezicht des Heeren der heirscharen zijn gegaan? En nu, achten wij de hoogmoedigen gelukzalig ook die goddeloosheid doen worden opgebouwd; zij die de Heere verzoeken worden verlost.“ Mal. 3: 13-15 {JL9: 7.2}

“Alsdan spreken, die de HEERE vrezen, een ieder tot zijn naaste: De HEERE merkt er toch op en hoort, en er is een gedenkboek voor Zijn aangezicht geschreven, voor degenen, die den HEERE vrezen, en voor degenen, die aan Zijn naam gedenken. En zij zullen, zegt de HEERE der heirscharen , te dien dage, dien Ik maken zal, Mij een eigendom zijn; en Ik zal hen verschonen, gelijk als een man zijn verschoont, de hem dient. Dan zult gijlieden wederom zien, het onderscheid tussen de rechtvaaardige en de goddeloze, tussen dien, die God dient, en dien, die Hem niet dient.” Verzen 16-18. {JL9: 7.3}

Nadat zij terug zijn gekeerd naar God en hebben gesmaakt(geproefd) van deze nieuwe ervaring  met de Heer, verlangt Zijn trouwe volk om elkaar te ontmoeten en hun zegeningen met elkaar te bespreken. Zich bewust zijnde van hun blijdschap des harten, en van hun verlangen om Zijn goedheid aan elkander te vertellen(over te brengen) beloofd Hij een boek van eeuwigdurende herinnering te schrijven. {JL9: 7.4}

We kunnen nu met zekerheid vasthouden aan Gods beloften en ze

7

ons eigen maken. Wat een voorrecht en wat een mogelijkheid hebben wij!  Kijkt en ziet wat een verschil er is tussen Gods methode om Zijn werk te ondersteunen, en het Romeinse systeem dat nu wordt voortgezet door de kerk: collecte, verheven toespraken, Grote dag, Boeken dag, hoge druk, campagnes, verkoop, veiling, Oogst inzameling, verjaardag collectes, Kerstboom versiering, babywegingen, Dorcas verkopen, investeringsfondsen, en wat nog meer! Aangezien geen van deze uitpersingen Bijbels zijn, en aangezien allemaal heidens van origine heidens zijn en veroordeeld(verworpen) worden door de Schriften, kunnen zij niet beschouwd worden als vrije wil offers. Zoek en zie. {JL9: 7.5}

In plaats van Sabbatviering is de dag toegewijd aan geld inzamelen, en in plaats van een huis van gebed is de kerk veranderd in een hol van rovers-weerzinwekkend voor waarnemers en zeer ontmoedigend voor leden om een vriend of een buur uit te nodigen voor een kerkdienst. Is het een wonder dat God nu niet velen de kerk in brengt (Getuigenissen deel 6 p 371). {JL9: 8.1}

Het was dit soort van dingen dat Luther opwekte tot actie als hij de priesters in weelde zag leven door het geweten van het volk uit te buiten en door de armen armer te maken. Ware aanbidding en Gods plan om het werk te ondersteunen moeten nu hersteld worden. {JL9: 8.2}

Als er enige herleving en hervorming nodig is in enig opzicht is het zeker nodig in dit opzicht, en niemand wordt verontschuldigd om een deel hieraan te hebben als hij het Woord van God maar ter harte  neemt en als hij weigert te voldoen aan de hiervoor genoemde gruwelen. {JL9: 8.3}

De boodschap zal spoedig iedere woning van een Zevende dags Adventist bereiken en het “oordeel in het huis van God”(1 Petr. 4:17) zal dan beginnen; er is daarom geen tijd te verliezen. Deze dingen zouden nu “het hele verstand in beslag moeten nemen, de volle aandacht”. {JL9: 8.4}

8

Nu in de dag van herstel, Broeder, Zuster, roept God u om te staan voor Zijn pleidooi(verzoek): {JL9: 9.1}

“Roep luid, houd niet in, verhef uw stem als een bazuin, en verkondig Mijn volk hun overtreding en het huis Jakobs hun zonden.” (Jes. 58:1) {JL9: 9.2}

Wees vriendelijk maar wees in geen geval goedgunstig(medelijdend, medegevoelend) met de zonden van de zondaar en probeer niet de zonde te bedekken. Scheidt u af van de lastering voor uw eigen belang en voor het belang van het leven van de broeders en ontvang het merkteken van Gods verlossing van de slachtwapens van de engelen. Lees Ezechiël negen en Jesaja 66:15-17,19,20. {JL9: 9.3}

Getrouw de uwe voor ogen om de noodzaak tot opruimen te zien, en voor Wijsheid om alle dingen te herstellen, {JL9: 9.4}

V.h. Jizreel, H.B.

9