De Davidiaanse Zevende-dags Adventisten Associatie (Een Niet-Ingelijfde bestaande Associatie die een Kerk Samenstelt)




Jizreël Brief Nr. 1

Geachte Medegelovige in de Derde Engelen Boodschap, {JL1: 4.1}

Aangezien dit een zeer vroege gelegenheid is om een paar vriendelijke regels aan u te schrijven, en aangezien er geen heerlijkere boodschap is dan die welke van God komt, heb ik ervoor gekozen om u daarmee te begroeten: {JL1: 4.2}

Hemels Stem aan Laodicea, zo verklaart Inspiratie, is van allerhoogst belang voor iedere Laodiceaan (aan allen van ons Zevende dag Adventisten), en de plicht van elk van ons om hier nota van te nemen  is niet minder belangrijk als we bespaard willen worden om uitgespuwd te worden (Openb. 3:16). {JL1: 4.3}

Met dit zwaarwegend feit onontkoombaar voor ogen, welk een grootse verantwoordelijkheid is er op degene die God heeft opgedragen om Hemels boodschap aan Zijn volk in Laodicea te brengen! Wat een onvergeeflijke zonde zal hem derhalve ten deel vallen indien hij nalaat alle mogelijke middelen uit te zoeken om de boodschap te brengen naar ieder huis dat zijn deur zal openen. Welke zorgvuldigheid moet hij daarom beoefenen om ieder mogelijke gelegenheid te zoeken om alle mogelijke hulp aan iedere ziel te geven, in het sturen naar een recht en bestendige koers recht naar “het Land Kanaan.”  Vandaar deze dringende poging ten behoeve van u. {JL1: 4.4}

Al enige tijd heeft u de publicaties van het elfde uur (traktaten en “Tijdige Groeten”—met Waco postzegels – inclusief een kopie van de “1950 Generale Conferentie Special,” en de Rekruut van het Witte Huis”), allen het licht dragend dat zo nodig is op deze climaxtische tijdsperiode—de langverwachte boodschap van de verzegeling van de 144.000 (de reiniging van de kerk—het oordeel  van de levenden in het “huis van God”: de boodschap aan de Laodiceanen), de Luide Roep, en verwante gebeurtenissen. Ik ben er daarom van overtuigd, dat in uw verlangen om een klaar wakkere, Godvrezende adventist te zijn, u niet uit de aard der zaak kan nalaten onder de indruk

4

en geraakt te zijn door de ontzagwekkende waarheid die deze publicaties voor deze tijd dragen. En wanneer u overweegt de  wijde en matige ontvangst geschonken aan de “Rekruut van het Witte Huis” toen het duizenden bij duizenden Adventistische woningen wereldwijd binnenkwam,  kan je niet nalaten nog meer onder de indruk te raken. Inderdaad, nooit heeft enig ander Waarheid-dragende publicatie bij het in Adventistische huizen komen zo algemeen en zo sobertjes (nuchter,ingetogen) ontvangen. En eigen aan deze bijzonderheid  in ontvankelijke ontvangst is het kenmerkende feit welke mogelijk belangrijk voor u zal zijn, dat veel van degenen die om zeer goede redenen nog niet openlijk hun standpunt  geven, reeds aan ons verzoeken om het mogelijk te maken dat ze privé een cursus die de “Rekruut” aankondigt. Ik ben daarom dankbaar om hierbij aan te kondigen dat het mijn voorrecht om de gehele staf van het Elfde Uur in te zetten om persoonlijk al zulke verzoeken te beantwoorden. Dus als een van ons in uw omgeving is zal u gouden mogelijkheden hebben om hem, persoonlijk, privé en in strikt vertrouwen vrij uit te spreken over de boodschap in verband met alle voortvloeiende manifestaties(gebeurtenissen) die zich zo spoedig in ons midden zullen voltrekken, manifestaties(gebeurtenissen) waarvan Inspiratie nu voor de eerste keer in het middag daglicht brengt vlak voor onze ogen en welke de profeten aankondigen in de volgende woorden: {JL1: 4.5}

“ZIE, Ik zend Mijn engel, die voor voor Mijn aangezicht den weg bereiden; …Dien gijlieden zoek, te weten de Engel des verbonds, aan Denwelken gij lust hebt; zie Hij komt, …Maar wie zal den dag Zijner toekomst verdragen? Want hij zal zijn als het vuur van een goudsmid, en als zeep der vollers” Mal. 3:1, 2. {JL1: 5.1}

“…de dagen van reiniging van de kerk bespoedigen (versnellen) zich in tempo

“…de dag waarin de kerk gezuiverd wordt, nadert. God zal een rein en getrouw volk hebben. In de grote zifting, die spoedig zal plaatsvinden, zullen wij beter in staat zijn om de kracht van Israël te meten. De tekenen openbaren dat de tijd nabij is waarin de Heer zal laten zien dat Hij de wan in Zijn Hand heeft en de dorsvloer grondig zal zuiveren.” –(Getuigenissen deel 5 p. 70) “Testimonies,” Vol. 5, p. 80. {JL1: 5.2}

5

“Want met vuur en met Zijn zwaard zal de HEERE in het recht treden met alle vlees; en de verslagenen des HEEREN zullen vermenigvuldigd zijn….En ik zal een teken aan hen zetten en uit hen, die het ontkomen zullen zijn, zal ik zenden tot de heidenen, …naar de vergelegen eilanden, die Mijn gerucht niet gehoord, noch Mijn heerlijkheid gezien hebben: en zij zullen mijn heerlijkheid onder de heidenen verkondigen. En zij zullen al uw broeders uit alle heidenen den HEERE ten spijsoffer brengen,…naar Mijn heilgen berg toe, naar Jeruzalem, zegt e HEERE, gelijk als de kinderen Israëls het spijsoffer in een rein vat brengen ten huize des HEEREN.” Jes 66:16,19,20 {JL1: 6.1}

Omdat de reiniging van de kerk nu de enige hoop is voor de kerk, doet de duivel alles wat in zijn macht is door het medium van mensen die verafgood(vereerd) worden( kennelijk niet minder hypocriet dan de priesters die de Heer gekruisigd hebben), om de kennis daarvan te onderdrukken en angst te creëren, haat en verwarring tegen de Stem van God innemen en het karakter van zijn vertegenwoordigers te bekladden(zwart maken). Bovendien drijven de zo verheven fanatiekelingen van de Vijand, zo weltevreden dat ze niets nodig hebben, reeds ongeacht het bevel van de Hemel ten spijt, iedereen die God’s Boodschap aan de Laodiceanen onderzoekt of die het  naleeft uit de kerk. Waarin, o waarin is de kerkgenootschap ontaard? Wat een buitengewone dwaasheid ook, door op zich te nemen om haar leden voor te schrijven wiens geschriften zij moeten lezen en van wie niet te lezen, alsof zij van zichzelf geen verstand noch geweten en alsof God ze niet zou kunnen of willen overtuigen door hun eigen verstandelijk vermogen, maar moeten afhangen van het verstandelijk vermogen van de predikanten die door zulk een dwaasheid onbewust voorwenden de plaats van God in te nemen! Hun handeling om niet alleen het lezen van de publicaties (uitgaven) te ontmoedigen maar ook te voorkomen is op zichzelf een sterk bewijs dat de publicaties de Waarheid voor deze tijd bevatten en dat de Vijand wil dat God’s volk onwetend daarover is. Men kan zelden een ander manier bedenken die zo goed berekend is om God’s volk mentaal en spiritueel

6

gehandicapt te maken en met als gevolg hen in onderdanige onwetendheid houdend van het feit dat het verlossingsplan eist dat zij verlichtte Christenen zijn, in staat met hun eigen ogen te zien en te weten met hun eigen harten wat wat is en wie wie is. {JL1: 6.2}

Beiden hoog en laag schijnen te vergeten dat de boodschappers van God nauwelijks verscheen in hun respectieve periode, of het Judaïsme, Romanisme en het Protestantisme vielen allen ongewild ten prooi aan dit dwaze plan. Hun falen om voor altijd de vrij-denkenden in hun dagen in duisternis te binden zal nu toch wel (desondanks) een openbaring(verrassing) voor ons allen zijn dat onze vijandige broeders, ook zullen falen om de vrij-denkenden van deze dag voor altijd in duisternis te binden, want de vrij-denkenden, zullen vroeg of laat ontdekken dat wie dan ook (iedereen, iemand) die niet voor zichzelf kan beslissen wat waarheid of wat dwaling is, verstoken is van de Heilige Geest van God geen contact hebbende met de Hemel en geen deel daarin hebbende. Degenen die nog niet deze onschendbare wet ontdekt hebben staan van aangezicht tot aangezicht met de onbuigzame (grimmige) realiteit dat het hoogt tij is dat zij dit onmiddellijk ontdekken, en dat zij zich geheel (volledig) bewust zijn dat door het te schenden zij het alleen maar absoluut zeker maken dat zij de eeuwigheid missen en dat  hoewel Noah, Daniël en Job hun buren zijn, en zij zich stevig vasthouden aan alle drie, zij toch, tenzij ze ophouden met het overtreden van deze onschendbare wet, zij veroordeeld en verdoemd (vervloekt) zijn. Dan ook, allen die met gesloten ogen en hart het werk van anderen afkeuren, zijn blind voor het rampzalige feit dat “Die antwoorde geeft, eer hij zal gehoord hebben, dat is hem dwaasheid en schande.” Spreuken 18:13. {JL1: 7.1}

Gelet op deze zekerheden, kan u het zich zeker niet veroorloven om doof te zijn voor de Stem die hier pleit dat iedereen een grondig onderzoek van de inhoud van deze elfde-uur publicaties doet welke in overvloedige hoeveelheden nu gratis, “zonder geld en zonder prijs,” worden verspreid binnen Laodicea. {JL1: 7.2}

7

Deze publicaties, weet (merkt) u, ontzegelen de Schriften welke deze “toegevoegde boodschap” ( zie Eerste geschriften pagina 332) vormen, die allen tot dusver verzegeld en dus omhuld waren in mysterie en omgeven door vraagtekens, een feit die op zich zelf absoluut bewijs is dat nooit eerder tijdigere, belangrijkere publicaties Advent gezinnen zijn binnengekomen. Misschien bent u zich hier ten volle van bewust. Mocht u, hoe dan ook (echter) vragen hebben die u persoonlijk wil bespreken, hoeft u dat verzoek alleen aan ons te doen als we in uw omgeving werkzaam zijn. Ook als u andere onbevooroordeelde, vrijdenkende, Waarheid-zoekende broeders kent, zal ik het waarderen als u aangeeft hoeveel en als zij het wensen mag u hun namen en adressen of voor onze e-mailijst of voor een persoonlijk gesprek of voor beide. U mag mij adresseren als: {JL1: 7.3}

                                                                          V.H. Jizreël, H. B.

Mt. Carmel Center

Waco, Texas

Ieder relevante Schriftuurlijke overweging beveelt dat er slecht één veilige, verstandige en eerzame manier is voor elk van ons om te beoefenen wanneer profetische openbaring overweging(beweegredenen) betwist, in het bijzonder op dit meest cruciale uur in de geschiedenis. Wij moeten zoals de dood vermijden, de geest die de Joden en de theoretische(in naam)  kerken allen die als gevolg daarvan de Hemel-gezonden boodschappen verwierpen in hun respectieve tijden. Onze enige verlossing is om voor ons zelf met eigen ondervinding te bepalen vrij van de invloed van anderen de zekerheid en echtheid van de Stem die nu luid roept door Laodicea, omdat “het verstand dat afhankelijk is van het oordeel van anderen zeker vroeg of laat misleidt zal worden.” –(Karaktervorming pagina  ). Alleen de Geest van God die door onze persoonlijke (individuele) verstand werkt kan ons in alle Waarheid leiden als we er oor naar hebben. {JL1: 8.1}

De Geest der Profetie waarschuwt verder: {JL1: 8.2}

“Er zijn nu nog genoeg kostbare waarheden die moeten worden geopenbaard aan het volk in deze tijd van gevaar en duisternis,

8

maar het is Satans vaste voornemen om te voorkomen dat het licht der waarheid zal schijnen in de harten van de mensen. Als wij het licht wilden bezitten waarin ten behoeve van ons voorzien is, zouden wij ons verlangen ernaar moeten tonen door grondig het woord van God te onderzoeken. Kostbare waarheden die lang verborgen zijn gebleven zullen worden geopenbaard in een licht dat hun heilige waarde aan de dag zal leggen.”—“Counsels on Sabbath School Work” p. 25 {JL1: 8.3}

“Niemand kan zich excuseren met het standpunt dat er geen waarheid meer zal worden geopenbaard, en dat al onze uiteenzettingen van de Schrift vrij van dwaling zijn. Het feit dat sommige leerstellingen door onze mensen gedurende vele jaren voor waarheid zijn gehouden, is geen bewijs dat onze ideeën feilloos zijn. Leeftijd zal van dwaling geen waarheid maken, en de waarheid kan het zich niet veroorloven gunstig te zijn. Van geen enkel ware leerstelling zal bij nader onderzoek iets verloren gaan.” (Counsels to Writers and Editors 35) {JL1: 9.1}

“…Als er een boodschap komt die u niet begrijpt, neem dan moeite om de redenen te horen die de boodschapper kan geven, vergelijk schriftgedeelte met schriftgedeelte, zodat u kunt weten of het wel of niet ondersteund wordt door het woord van God. Indien u geloofd dat de ingenomen standpunten niet het woord van God als hun fundament hebben, als het standpunt dat u inneemt over het onderwerp niet kan worden bestreden, gebruik dan uw gezond verstand; want uw standpunt zal niet aan het wankelen worden gebracht door in contact te komen met dwaling. Er is geen waarde

9

of mannelijkheid in het voortdurend strijden in het duister, uw oog sluitend zodat u niet ziet, uw oor sluitend om te voorkomen dat u zou kunnen horen, door het verharden van uw hart in onwetendheid en ongeloof uit vrees dat u zich zult vernederen en erkennen dat u licht hebt ontvangen over sommige punten van de waarheid.” “Counsels on Sabbat School Work,” p.29. {JL1: 9.3}

‘Wanneer u gevraagd wordt de uitlegging van een leerstelling te horen die u niet begrijpt, verwerp de boodschap niet totdat u het een grondig onderzocht heeft, en weet dat het vanuit het woord van God niet houdbaar(verdedigbaar) is.” “Counsels on Sabbat School Work,” pp.31,32. {JL1: 10.1}

“…wanneer een visie,(zienswijze) van de Schrift aangeboden wordt, stellen velen niet de vraag: ‘is het waarheid—is het in overeenstemming met Gods Woord?’ En als het niet door het kanaal komt dat hen bevalt aanvaarden zij het niet. Zo volkomen tevreden zijn zij met hun eigen zienswijzen dat zij de bewijzen van de Schrift niet zullen onderzoeken met het verlangen om te leren, maar weigeren geïnteresseerd te zijn, louter vanwege hun vooroordeel..” ”Testimonies to M inisters,“ p. 106) {JL1: 10.2}

“De Heer werkt vaak waar we Hem het minst verwachten; Hij verrast ons door Zijn macht aan ons te openbaren door instrumenten van Zijn eigen keuze, terwijl hij voorbij gaat aan mannen naar wie wij opzien als diegenen door(van) wie licht zou moeten komen. God verlangt dat wij de waarheid ontvangen uit haar eigen verdiensten, — omdat het waarheid is.” “Testimonies to M inisters,“ p. 106) {JL1: 10.3}

“Wees echter voorzichtig datgene te werwerpen wat waarheid is. Het grote gevaar van ons volk is dit geweest, dat zij zich afhankelijk hebben gemaakt van mensen, en hun vertrouwen op de mens hebben gesteld. Zij die niet de gewoonte hebben om de Bijbel voor zichzelf te onderzoeken, of bewijzen te overwegen, hebben vertrouwen in de leiders en aanvaarden de beslissingen die zij maken; en zo zullen velen juist die boodschappen verwerpen die God aan Zijn volk stuurt, indien deze leidinggevende broeders deze (boodschappen) niet accepteren.” “Testimonies to M inisters,“ p. 106, 107. {JL1: 10.4}

10

“Mannen, vrouwen en jeugd, God vereist van jou dat je morele  moed bezit, standvastigheid, sterkte en volharding, meningen die niet de stelling(bewering) van een ander nemen, maar die voor zichzelf wil onderzoeken voor het aanneemt of verwerpt, die bewijs wil bestuderen en afwegen, en het voor de Heer in gebed wil brengen.” (Getuigenissen deel 2 – 130) {JL1: 11.1}

Verbazingwekkend genoeg leert de invloedrijke stem binnen de kerkgenootschap onverschrokken(stoutmoedig) haar leden juist het tegenovergestelde van wat deze Hemels-geïnspireerde eerder geciteerde passages duidelijk verklaren. Opmerkenswaardig daarom onthullen deze passages het als de stem van de Vijand in de lucht (op hoge plaatsen) zachtjes in slaap sussend, en oplettend ervoor wakend dat niemand hen ooit aanmoedigt voor hun grote nood van Gods Waarheid voor de snel naderende tijd van het oordeel voor de Levenden—“de grote en geduchte dag van de Heer”. {JL1: 11.2}

Dit schaamteloos veronachtzamen(negeren) van Inspiraties advies staat nu open en bloot ontmaskerd voor wat het werkelijk is – een ander listig binnenkamers gerichte poging van de Vijand om Gods volk onbewust van hun toenemend(naderend) gevaar, door hen gedrogeerd diep in slaap in de lauwe atmosfeer (perfect tevreden) en met meningen verstard dat zij niets nodig hebben en dat zij groots zendingswerk doen, hoewel de Heer Zelf verklaart dat zij “ellendig, en jammerlijk en arm en blind en naakt,” zijn en het niet weten. Openbaring 3:17. Satan bovendien kon nooit hun verstand met trots en vooroordeel en angst ontsteken allemaal berekend om vijandig te beschouwen elk ogenschijnlijk vers van de Hemel-gezonden openbaring, en erg bewust van het advies welke de vijanden van God, terwijl zij zich voordoen de vrienden van Zijn volk te zijn, doorgeven om hunzelf voor altijd lauw te houden, in dodelijk gevaar voor hun levens. Geen van ons had ooit ten prooi kunnen vallen aan deze Laodiciaanse ziekte(kwaal, plaag) indien we allen als volk voor onszelf studeerden, en naarstig acht sloegen op Inspiraties waarschuwende advies in de volgende passage: {JL1: 11.3}

11

“De vijand bereidt zich voor op zijn laatste campagne tegen de gemeente. Hij heeft zich zozeer aan het oog onttrokken, dat velen nauwelijks kunnen geloven dat hij bestaat, en nog minder zijn zij overtuigd van zijn verbazingwekkende activiteit en macht. Zij zijn voor een groot deel zijn verleden vergeten, en wanneer hij weer oprukt, zullen zij hem niet als hun vijand, die oude slang, herkennen, maar zij zullen hem als een vriend beschouwen, als iemand die goed werk doet.” “Getuigenissen “Deel 5, 239. (“Testimonies,” Vol. 5 p. 294.) {JL1: 12.1}

Alleen door gehoor te geven aan wat Inspiratie zegt, en door het mijden van alle stemmen die tegen haar Stem zijn, kunnen een van ons het Oordeel overleven en een plaats in het snel-naderende Koninkrijk van God verzekeren. “Beproeft alle dingen; behoudt het goede”(1 Tess. 5:21) is Hemels vermaning aan allen, alleen zo kunnen we ervoor zorgen dat wat God van ons verwacht te weten en te doen zodat Hij ons niet uit Zijn mond zal spuwen (Openb. 3:16), maar eerder dat onze namen in “het Boek geschreven” worden en wij verlost worden van de naderende “tijd der benauwdheid, zoals er nooit geweest is.”(Dan 12:1) {JL1: 12.2}

Dus, als u vastbesloten bent om voor uzelf de enige Hemel-bepaalde(toegewezen) manier te kennen om te ontsnappen om uitgespuwd te worden op dit meest gedenkwaardige uur van deze tijd, stuur mij haastig een regel, met het verzoek dat ik, voor zover mogelijk, of anders een veldwerker contact met u en wie dan ook wiens namen en adressen u aan ons geeft zodat u allen beide kanten kunt aanhoren. Dan zal één van ons u zo snel mogelijk bezoeken en zal alle betrokkenen met al het mogelijke van dienst zijn, zonder enige verplichting aan wie dan ook. {JL1: 12.3}

Met de meeste hoogachting geen mogelijkheid verspelend(verbeurend) om

“te horen de redenen die de boodschapper mag geven” (Counsels on Sabbath School Work, p.29) {JL1: 12.4}

V. H. Jizreel, H. B.

VHJ: ma

12